Theorieën & modellen

Verscheidene onderzoekers hebben zich verdiept in het concept hoogbegaafdheid en hebben getracht een model te ontwikkelen en een passende definitie te formuleren. In onderstaande modellen en voorbeelden kun je een beetje terugzien hoe de theorievorming zich in de loop van de jaren heeft ontwikkeld en nog steeds ontwikkelt. Ikzelf ben gecharmeerd van het model van Tessa Kieboom met betrekking tot het zijnsluik, waarin ze zowel het denken als het voelen betrekt. Daarnaast biedt het Delphimodel een mooie ingang om tot verder ontwikkeling van ideeën met betrekking tot hoogbegaafdheid te komen.

Theorieën en modellen door de jaren heen

Een bekend model is het drie-ringen model van Renzulli, dat drie clusters van eigenschappen beschrijft: hoge intellectuele capaciteiten, taakgerichtheid en creativiteit (Renzulli, 2002). Dit model is uitgebreid met de invloed van omgevingsfactoren gezin, vrienden en school op de ontwikkeling van talenten (Mönks, 2015).

Op basis van dit model ontwikkelde Gagné een gedifferentieerd model, waarin deze bovengenoemde elementen bij elkaar komen (Gagné, 2004).

Sternberg (2005) en Heller (2005) ontwikkelden eveneens een gedifferentieerd model. Sternberg gaat ervan uit dat hoogbegaafdheid bestaat uit vier belangrijke variabelen: persoonsgebonden talent indicatoren, variabelen die te maken hebben met prestaties, persoonsgebonden niet-cognitieve eigenschappen en socioculturele condities. Zijn model beschrijft WICS, oftewel, Wijsheid, (succesvolle) Intelligentie, Creativiteit en Synthese (Sternberg & Davidson, 2005).

Heller integreerde het triadisch model van Renzulli en Mönks en de theorie van Gardner over meervoudige intelligentie en kwam tot een multifactorenmodel (Sternberg & Davidson, 2005).

Het Delphi model

De afgelopen jaren heeft een aantal hoogbegaafde volwassenen gepoogd een sluitende definitie te formuleren zonder alleen nadruk te leggen op het IQ en zij kwamen tot het Delphi model. Zij beschrijven een hoogbegaafd iemand als

  • Een snelle en slimme denker, die complexe zaken aankan
  • Autonoom, nieuwsgierig en gedreven van aard
  • Een sensitief en emotioneel mens
  • Intens levend
  • Hij/zij schept plezier in creëren.

Grafisch weergegeven ziet het model er als volgt uit:

 

Intelligentie

De visie op intelligentie heeft een grote ontwikkeling doorgemaakt. Momenteel geldt het ‘CHC-model’ als het meest actuele model. CHC verwijst naar de bedenkers van het model: Cattell, Horn en Carroll. Volgens dit model is de algemene intelligentie (G) opgebouwd uit een waaier van verschillende cognitieve vaardigheden die elk hun eigen inhoud hebben.

  • Gf = fluid intelligence (fluide redeneren): de vaardigheid om te redeneren in nieuwe situaties
  • Gq = quantitative knowledge (kwantitatieve kennis): de vaardigheid om kwantitatieve concepten en hun relaties te begrijpen en met numerieke symbolen om te gaan; geleerde wiskundige kennis
  • Gc = crystallized intelligence (gekristalliseerde kennis): de vaardigheid om zich de kennis die in de cultuur aanwezig is, eigen te maken en effectief toe te passen; accumulatie van kennis
  • Grw = reading and writing abilities: de verworven vaardigheid om te lezen en te schrijven, om de geschreven taal te begrijpen en om gedachten uit te drukken in de geschreven taal
  • Gsm = short-term memory (kortetermijngeheugen): het kunnen vasthouden van informatie en het gebruik ervan op korte termijn
  • Gv = visual processing (visuele informatieverwerking): de vaardigheid in het oproepen, waarnemen, analyseren en het bewerken van visuele patronen
  • Ga = auditory processing (auditieve informatieverwerking): de vaardigheid om auditieve patronen te begrijpen en te synthetiseren; betekenisvolle niet-verbale informatie in geluid waarnemen
  • Glr = long-term storage and retrieval (langetermijngeheugen): de vaardigheid om informatie op langere termijn efficiënt op te slaan en snel te kunnen oproepen
  • Gs = processing speed (verwerkingssnelheid): de vaardigheid om betrekkelijk eenvoudige taken die iedereen juist zou hebben als er voldoende tijd wordt gegeven, snel uit te voeren
  • Gt = reaction and decision speed: de vaardigheid om snel de juiste oplossing te vinden bij problemen met een middelmatige moeilijkheid. De score is de tijd die nodig is om de antwoorden te genereren.

Dit laatste model vormt de basis voor de meest gebuikte intelligentietests in Nederland.